Burn out (1)

02 Jan 2017

Burn out (1)

Burn out klachten worden vaak onderschat en cognitieve beperkingen kunnen langdurig zijn.

Meer dan tien jaar geleden kregen mensen met een burn out van de huisarts en de psycholoog veelal te horen dat ze eerst thuis maar eens moesten uitrusten. Gevolg toen was dat de drempel om na maanden thuis gezeten te hebben erg hoog was geworden, hetgeen terugkeer naar het werk bemoeilijkte. Bedrijfsartsen en psychologen zagen in dat contact met werk houden en een zo snel mogelijke werkhervatting juist ook belangrijk was.

Wat weten we anno nu over burn out en wat zijn nu goede adviezen aan iemand die met een burn out uitvalt?

In ieder geval moet de werkhervatting goed begeleid worden waarbij tevens rekening moet worden gehouden met beperkingen. Zeer recent heeft Bart Oosterholt van de Radbout Universiteit zijn promotie onderzoek naar de klachten bij burn out afgerond. Hij keek specifiek naar de concentratieproblemen en het slechte geheugen. Veelal zijn dit, naast vermoeidheid, de belangrijkste klachten.

‘Burn-out patiënten scoren inderdaad minder goed op cognitieve functies zoals werkgeheugen en reactiesnelheid’, zegt Oosterholt. Ook kost het maken van de tests hen meer moeite dan gezonde personen. Zijn resultaten laten tevens zien dat burn-outpatiënten een verlaagd cortisolniveau hebben bij het opstaan.

Lange termijn

Als een van de eerste burn-outonderzoekers keek Oosterholt ook naar de langetermijneffecten. Hij onderzocht burn-outpatiënten niet alleen vlak na de diagnose maar ook anderhalf jaar later. Op dat tweede tijdstip, na afronding van hun psychologische behandeling en weer aan het werk, gaven de ex-burn-outpatiënten nog steeds aan cognitieve problemen te hebben. Hun resultaten op de cognitieve tests (onder andere werkgeheugen en reactiesnelheid) waren nog steeds iets slechter dan die van gezonde personen, al kostte het maken van de tests hen niet langer meer moeite. Ook was hun cortisolniveau na deze periode genormaliseerd. ‘Dit zijn natuurlijk resultaten op basis van cognitieve tests’, zegt Oosterholt. ‘Al geven ex-burn-outpatiënten ook zelf te kennen nog steeds last te hebben van cognitieve problemen, ik kan niet zeggen wat de slechtere cognitieve testprestatie in de alledaagse praktijk betekent. Wel geeft dit onderzoek aan dat de cognitieve beperkingen van burn-out langdurig zijn.’

Waarschuwing

‘Burn-out is een toenemend probleem in onze samenleving. In 2000 rapporteerde 9 procent van de werkenden burn-outklachten, in 2014 was dat opgelopen tot ruim veertien procent’ (cijfers CBS). De promovendus van het Behavioural Science Institute aan de Radboud Universiteit onderstreept het belang van preventie en waarschuwt voor het wegstoppen van burn-outklachten. ‘Het is belangrijk om goed naar de eerste signalen van een burn-out – onder andere langdurige vermoeidheid en prikkelbaarheid -, te luisteren en er vooral naar te handelen. Zoals we in dit onderzoek namelijk zagen, kan een ernstige burn-out littekens nalaten’. Snelle werkhervatting kan enerzijds voorkomen dat de burnout patiënt terugkeer naar het werk als een te grote stap gaat ervaren, anderzijds moet bij werkhervatting goed rekening gehouden worden dat concentratie en werkgeheugen nog lang niet optimaal zijn en dus de mentale belasting niet te hoog mag zijn.

Vanuit mijn ervaring zie ik dit, maar ook meer, nogal eens fout gaan, daarover een volgende keer meer.

Bron: http://www.ru.nl/nieuws-agenda/nieuws/vm/bsi/2016/burn-out-cortisol/

© 2019 van Roosmalen-Zijlstra Psychotherapie